top of page

'Koorddansen als een acrobaat in het circus': Schrijver, denker en uitvinder Dr. Lin Yutang, deel I

  • Foto van schrijver: Alex Van Egmond
    Alex Van Egmond
  • 7 okt 2024
  • 10 minuten om te lezen

Bijgewerkt op: 26 okt 2025

Acrobaat Lin Yutang
De acrobaat Lin Yutang - Created in DeepAI

Bruggenbouwers, zoals Pearl S. Buck en Robert van Gulik, zijn heden ten dage nog bekende namen onder de China-geïnteresseerden, aangezien zij zich met verve inspanden om het Oosten te introduceren aan het westerse publiek.


Dr. Lin Yutang (1895-1976) bleek ook zo'n bruggenbouwer, maar dan één van oosterse komaf: hij werd geboren in Baoan in de provincie Fujian, Zuidoost-China.


Gedurende zijn productieve leven leverde hij als tweetalige auteur een grote bijdrage aan het dichten van de culturele kloof tussen Oost en West, in de vorm van vertalingen en bespiegelingen op het Chinese volk, de geschiedenis en de cultuur. Voor met name Amerikanen was het werk van Lin een eerste kennismaking met dat wonderlijke land aan de overkant van de Grote Oceaan vanuit het perspectief van een Chinese auteur.


Hoewel hij één van de meest invloedrijke intellectuelen uit de twintigste eeuw was, is zijn nalatenschap tegenwoordig bijna vergeten. Daarom een portret in twee delen van deze schrijver, filosoof en uitvinder.


Tekst: Alex van Egmond


In 1895, het jaar dat de Qing-regering controle verloor over het Koreaanse schiereiland en Taiwan in de Sino-Japanse oorlog, kwam Lin Yutang ter wereld (pseudoniem Lin Hele). Tijdens zijn leven maakte Lin veel kantelpunten mee in de Chinese geschiedenis.


Zijn vader was een Presbyteriaanse dominee en daarom was het vanzelfsprekend dat hij onderricht kreeg op protestantse scholen in Zhangzhou en Xiamen. In 1911, het jaar van de Chinese revolutie, ging hij theologie studeren aan de Sint John's universiteit in Shanghai, maar een geloofscrisis deed hem twee jaar later, op achttienjarige leeftijd een ander pad inslaan.


In het protestantse instituut was 'onwetendheid ten aanzien van Chinese filosofie een deugd en liefde voor Chinese kunst een zonde', schreef hij later in zijn autobiografie Memoires van een Octagerian. Daardoor moest het wel tot een crisis komen. Dit was een voorbode van de tumultueuze route die hij ging afleggen, want het leven van Lin Yutang zou zich afspelen in uiteenlopende landen, kringen, en op uiteenlopende intellectuele vlakken.


Tussen 1919 en 1923 studeerde Lin vergelijkende literatuurwetenschap aan de universiteit van Harvard in de Verenigde Staten. Harvard staat natuurlijk bekend als top vijf onderzoeksintituut in de wereld met prominente alumni, zoals Barack Obama. John F. Kennedy, Bill Gates, Mark Zuckerberg, enzovoort, maar voor Lin telde alleen de Widener bibliotheek op de campus. Met de miljoenen boeken die de bibliotheek herbergde, stilde Lin zijn levenslange leeslust.


Hij vervolgde zijn studie aan de universiteit van Leipzig in Duitsland. Na het behalen van een doctoraat in linguïstiek keerde hij terug naar China. In Beijing kreeg hij een aanstelling als Engels professor en voegde zich bij de literaire groep Yu Si, opgericht door Lu Xun en Zhou Zuoren. Lin schreef vele essays, waarin hij onomwonden de corruptie en inefficiëntie van de toenmalige Chinese regering bekritiseerde.


Deze rebelse activiteiten deden hem belanden op een zwarte lijst, zodat hij voor zijn leven moest vrezen en uitweek naar het zuiden, eerst naar Xiamen en later naar Shanghai. Ondanks bedreigingen aan zijn adres bleef hij daar zijn kritische pen roeren in diverse periodieken en liet zijn stem horen in het publieke debat. Niet alleen in zijn moedertaal, maar ook in het Engels, waardoor zijn kritische columns in The China Critic Weekly de aandacht trokken van Pearl S. Buck.


Samen met haar tweede man, de uitgever Richard Walsh, moedigden ze hem aan om een boek te schrijven over China. In 1935 resulteerde dat in My Country and My People, een boek waarin Lin de Chinese taal, cultuur en het volk op begrijpelijke wijze introduceerde voor een westers publiek.


In de tussentijd had Chiang Kai-shek met zijn nationalistische regering controle gekregen over China, maar het bleven roerige tijden. Mantsoerije was in handen gekomen van Japan en de communisten werden sterker in aantal. Lin's onafhankelijke geest deed hem voor zijn leven vrezen, ook onder de nationalistische regering, en na 1935 leefde hij meestentijds in de Verenigde Staten.


Lin moest toezien dat China eerst in een oorlog verwikkeld raakte met Japan en daarna in een burgeroorlog tussen de communisten en nationalisten.

Ondanks zijn kritische uitlatingen in het verleden aan het adres van de Nationalistische regering koos hij de zijde van Chiang Kai-shek, uit afschuw voor de rectificatie-campagnes van Mao Zedong in 1942. Hierdoor eindigden of vertroebelden veel vriendschappen en na 1949 kon hij bovendien niet meer terugkeren naar China.


Hij bleef daarom in de jaren vijftig vanuit New York en Parijs publiceren en zette daarbij zijn vergelijkende onderzoek voort naar Amerikaanse en Chinese cultuur. In 1966 verhuisde hij uit heimwee naar Taiwan en ging wonen in de heuvels van Yangmingshan, Taipei, waar hij de laatste tien jaar van zijn leven doorbracht. Hij werd begraven in de tuin bij het woonhuis dat hij zelf ontworpen had.


Productief

Het woonhuis van Lin Yutang is na zijn dood ingericht als museum. In een gang bevindt zich een boekenkast met vertalingen van Lin die de hele wand beslaat. Het bevestigt de internationale verspreiding van Lin's werk, maar geeft ook een goed beeld van zijn productie. Hij had de hand in essays, novellen, romans, vertalingen, biografieën, woordenboeken en bespiegelingen op cultuur, kunst en geschiedenis. De verscheidenheid is werkelijk verbijsterend.


Lin Yutang House, Taipei
Lin Yutang House, Taipei - ©Alex van Egmond

Een aantal werken is vertaald naar het Nederlands en verscheen met name bij de Zuid-Hollandsche Uitgeversmaatschappij, waaronder natuurlijk Mijn land en mijn volk (1939), maar ook Levenswijsheid met een glimlach (1940), drie delen uit de serie Peking onder bliksemlicht (1941) en Lady Wu: keizerin zonder geweten (1959). In de Verenigde Staten werden My Country and My People en The Importance of Living (1937) echte bestsellers, waardoor Lin veel faam vergaarde onder het Amerikaanse lezerspubliek.


Hij was de eerste Chinees-Amerikaanse schrijver die zo'n status bereikte, maar in plaats van op zijn lauweren rusten, gebruikte hij die populariteit als platform voor politiek activisme. In lezingen, radio-interviews, bijdragen aan tijdschriften en kranten, met name de New York Times en essays als Between Tears and Laughter (1943) en The Vigil of the Nation (1944) sprak hij zich uit over internationale kwesties.


Tot drie keer toe in zijn leven werd Lin genomineerd voor de Nobelprijs voor de literatuur.

In 1940 en 1950 werd hij voorgedragen door Pearl S. Buck, maar in 1940 was men te druk met nazi-Duitsland en in 1950 ging de nominatie naar Bertrand Russel voor zijn bijdrage aan het humanisme en zijn vrijzinnig denken. In 1975 werd Lin genomineerd door de leden van PEN International, maar hij werd toen niet geselecteerd voor de Nobelprijs.


Vele werken verschenen nog in de laatste dertig jaar van zijn leven, waaronder The Chinese Theory of Art (1967), een verhandeling over Chinese kunst en een woordenboek, Chinese-English Dictionary of Modern Usage (1972). Deze gigantische productie kan toegeschreven worden aan een zucht naar antwoorden, maar Lin Tai-yi, de dochter van Lin Yutang, haalt in haar biografie een voorval aan uit zijn jeugd:


Toen hij zestien was zag Lin ertegenop om te studeren in Shanghai, want hij wilde bij zijn familie blijven. Zijn oudste zuster Meigong haalde hem echter over om door te zetten en de kans aan te grijpen, want de familie had het niet breed. Ze gaf hem wat geld en stuurde hem op pad met de belofte om academisch succes te behalen.


Lin Yutang House, Taipei. Portrait
Lin Yutang House, Taipei. Portret door Antoine Allard - Foto Alex van Egmond

Helaas overleed Meigong anderhalf jaar later na een kort ziekbed, terwijl Lin Yutang nog maar net was begonnen met zijn academische loopbaan. Het was een zware klap voor hem, maar hij overwon zijn verdriet door de rest van zijn leven te lezen en te leren.


Kritiek

Zoals gezegd schroomde Lin er niet voor om zich te mengen in het publieke debat en hij deed dat in zowel China als in de Verenigde Staten. In het China van de jaren twintig en dertig viel dat niet mee en hij zei later dat kritisch schrijven in die periode 'koorddansen als een acrobaat in het circus was'. En niet zonder reden, want in Shanghai werden vrienden en collega's van Lin op straat neergeschoten en waren bedreigingen, martelingen en ontvoeringen aan de orde van de dag.


Wat Lin in leven hield tijdens die jaren waren zijn populariteit en de humor die hij in zijn stukken verwerkte. Door met een komische ondertoon te schrijven, kon hij de fragiele balans vinden tussen de waarheid spreken aan de ene kant tegenover de mogelijkheid dat hij zou worden gecensureerd, bedreigd, gearresteerd of zelfs geliquideerd aan de andere kant.


Al in 1924 introduceerde hij de vertaling 'humor' (幽默, yōumò) in de Chinese taal en kreeg daarom van lezers de titel 'Meester van de humor' toebedeeld.

Een bijnaam die volgens eigen zeggen bleef hangen, niet omdat hij een 'eerste klas komediant' was, maar omdat hij in een wereld waar humor ontbrak de aandacht vestigde op het belang van lichtvoetigheid.


De jaren twintig en dertig waren inderdaad een serieuze tijd waarin Chinese intellectuelen hevig debatteerden over het voortbestaan van China, waarbij de breuklijn voornamelijk lag bij het volledig omarmen van westerse universele waarden of toch uitgaan van een Chinese identiteit.


Je zou verwachten dat Lin in de Verenigde Staten zich ongehinderd kon uitlaten, maar dat viel tegen. Overzee kreeg hij te maken met discriminatie en vernedering vanwege zijn afkomst. Hij verwerkte zijn ervaringen in Chinatown Family (1948), een verhaal over een Chinees-Amerikaanse familie die zich door hard werken en toewijding aan democratische principes had weten te vestigen in New York.


Daarnaast deed zijn kritiek op het Westen en zijn geschiedenis van imperialisme veel stof opwaaien. Hij verwerkte dit voornamelijk in Between Tears and Laughter (1943). Echter, het grootste gevecht leverde Lin met de 'China-experts'.


In 1943, na Lin's laatste bezoek aan het door oorlog geteisterde China, verdedigde hij met veel furore het nationalistische standpunt en waarschuwde voor de communistische ondermijningscampagne die gaande was in de Verenigde Staten. Edgar Snow en andere China-experts fungeerden daarbij als de Amerikaanse pionnen.


Snow schreef in het polemische essay China to Lin Yutang dat hij een ‘partij-propagandist’ was die geen benul had van de werkelijke oorlogshandelingen.

Hij suggereerde dat Lin vanwege zijn langdurige buitenlandse verblijf het contact met zijn volk was verloren. Verder was hij in tegenstelling tot Snow nooit in Yan’an geweest en bezat hij niet de ervaringen die de China-experts wél hadden.


In reactie op de aanvallen moest Lin onderkennen dat zijn positie als Chinees binnen de diaspora zwak was. Hij wees er echter fijntjes op dat de China-experts de originele documenten in het Chinees over de rectificatie-campagnes van Mao Zedong niet lazen en zich baseerden op informatie die ze via hun tolken kregen toegespeeld. Opgesomd was de vraag wie China vertegenwoordigde voor Amerika de spil van dit publieke debat.


Het vrienden-echtpaar van Lin, Pearl S. Buck en Richard Walsh, raakte steeds meer bezorgd over Lin's politieke activiteiten. Zij meenden dat dit zijn imago als 'Chinese filosoof' schaadde, een imago dat Richard Walsh als uitgever graag promootte. In brieven drong hij er meermaals op aan dat Lin zijn politieke activiteiten zou staken, iets dat Lin in zijn streven naar de waarheid, niet wilde doen.


In 1953 eindigde de vriendschap met het echtpaar, ogenschijnlijk vanwege gesteggel over auteursrechten, maar zoals gezegd speelde er meer op de achtergrond.


Begin jaren vijftig raakte Lin dus enigszins in een geïsoleerde positie, vanwege opgebroken vriendschappen, zijn leven binnen de diaspora, zijn politieke standpunten en de tanende populariteit van zijn boeken. Ogenschijnlijk leek de berooide Lin nog maar een schim van de schrijvende 'acrobaat' uit Shanghai die in de jaren twintig en dertig het middelpunt was van het literaire en politieke debat.


Hoe hij met deze tegenslagen omging en wat het gevolg was voor zijn reputatie leest u in het deel II.


※※※


De uitvinder

Net na het einde van de Tweede Wereldoorlog stortte Lin zich in een nieuw project, een prototype van een elektromechanische typemachine, die 7000 Chinese karakters kon produceren. De machine kreeg de naam Mingkuai (明快), wat een combinatie is van 'helder' en 'snel'.

Lin Yutang House  ©Alex van Egmond
Lin Yutang House, Taipei ©Alex van Egmond

Het was Lin's intentie om China te moderniseren door middel van deze typemachine, want er bestond toentertijd nog geen adequate machine om Chinese karakters snel te typen. De Chinese taal bestaat uit duizenden karakters, waarvoor simpelweg geen plaats was op een conventionele typemachine.


Lin wist dit probleem op te lossen en promootte zijn uitvinding als 'De enige Chinese typemachine voor iedereen'. Hij ontwierp een systeem om de karakters te combineren uit 90.000 tekens die op een roterende drum stonden, een beetje vergelijkbaar met een harde schijf.


Het toetsenbord laat 72 toetsen zien in drie rijen en werkt via het principe van 'zoeken'. Bij het aanslaan een toets op de eerste, tweede en als laatste de derde rij wordt een karakter gecombineerd. Dit karakter kan gecontroleerd worden op een venster alvorens te worden aangeslagen op papier.

The patented Ming Kwai typewriter
The patented Ming Kwai typewriter - Campbell, Brumbaugh & Free (Wiki Commons)

Deze manier van invoeren, waarbij eerst wordt gezocht naar de juiste combinatie, is nu nog steeds gangbaar in digitale communicatie. Lin patenteerde zijn ontwerp in 1946 en liet een prototype bouwen door firma Carl E. Krum in New York.


Naar eigen zeggen investeerde hij 120.000 dollar in de typemachine, omgerekend naar vandaag is dat ongeveer 1,8 miljoen dollar, en het uitdenken van het systeem kostte hem dertig jaar van zijn leven.


Toen hij op een regenachtige mei-dag in 1947 het prototype wilde demonstreren aan Remington Typemachine firma werkte de machine niet, hoewel het de volgende dag gelukkig wel werkte op een persconferentie.


Lin ontving in de media veel lof voor zijn prestatie, maar vanwege de gespannen politieke situatie in China wilde geen enkele fabrikant het risico nemen om de typemachine in productie te brengen.


Het prototype uit 1947 blijft het enige bestaande model en valt te bezichtigen in het Lin Yutang House in Taipei.



Yu Si en de Nieuwe Cultuurbeweging

De schrijvende broers Lu Xun (Zhou Shuren, 1881-1936) en Zhou Zuoren (1885-1967) richtten begin jaren twintig in Beijing de Yu Si-groep op (語絲, yǔ sī: losse draadjes). De leden kwamen twee keer per maand op een zaterdagmiddag samen in een park om te discussiëren over literatuur en huidige politieke zaken.


Yu Si
Het tijdschrift Yu Si

Op 17 november 1924 verscheen het eerste exemplaar van het gelijknamige tijdschrift, waarin Zuoren stelde dat dogmatisme in literatuur moet worden voorkomen en de schrijvers voor het blad zich in alle vrijheid moeten kunnen uiten.


Toen Lin Yutang in 1923 Engels ging doceren aan de Universiteit van Beijing raakte hij betrokken bij de activiteiten van deze invloedrijke groep. Het merendeel van de leden behoorde tot de generatie van de zogenaamde Nieuwe Cultuurbeweging, waaronder natuurlijk de broers, maar ook Hu Shi (1891-1962) en Chen Duxiu (1879-1942).


De kern van deze beweging was de creatie van een nieuwe cultuur die gebaseerd was op wetenschappelijke en democratische principes, in reactie op het falen van de Chinese Republiek. De Chinese klassieke traditie werd daarbij gezien als de grootste belemmering voor een modern en progressief China en zodoende hevig bekritiseert.


Hu Shi promootte daarom het gebruik van volkstaal in de literatuur en was een groot voorstander van liberale waarden. Chen Duxiu bekritiseerde voornamelijk Confucianisme en de conservatieve Chinese moraal. Hij raakte geïnteresseerd in Marxisme en werd in 1921 één van de oprichters van de Chinese Communistische Partij.


De Nieuwe Cultuurbeweging was vooral een culturele beweging, maar de 4 mei-beweging, het anti-imperialistische studentenprotest dat in 1919 los barstte na de zwakke reactie van de Chinese regering op het Verdrag van Versailles, veranderde het in een politieke beweging.


Lin Yutang bevond zich dus in goed gezelschap toen hij ging schrijven voor Yu Si, maar zijn kritische pen deed hem op een gegeven moment voor zijn leven vrezen. Op 18 maart 1926 werd in Beijing een anti-imperialistisch studentenprotest bloedig neergeslagen door het nationale leger, wat resulteerde in 47 doden en 200 gewonden, waaronder één van Lin's studenten.


Toen de media de schuld bij de studenten legde en veel van zijn collega's aan de universiteit zich in stilte hulden, ontstak Lin in woede en hij spuwde zijn venijn in Yu Si. Lin en zijn gezin moesten Beijing noodgedwongen verlaten, toen krijgsheer Zhang Zongchang orde op zaken kwam stellen in de hoofdstad.


※※※

Opmerkingen


Abonneer om op de hoogte te blijven van updates

Bedankt voor het abonneren

© 2024 door Halte Oost | Stopover East. Powered and secured by Wix

bottom of page