
Alex van Egmond
14 mei 2020
Boekrecensie van Liao Yiwu's opzienbarende Bullets and Opium
In Bullets and Opium tekent de Chinese schrijver Liao Yiwu de getuigenissen op van enkele zogenaamde ¨4 juni gangsters¨. Zo werden de demonstranten gebrandmerkt door de Chinese overheid na het hardhandige optreden in de nacht van 3 en 4 juni 1989.
Veelal behoorden de 'oproerkraaiers' tot de stedelijke onderklasse. Yiwu interviewde ruim driehonderd van hen en leverde daarmee een onthutsend portret van een vergeten groep slachtoffers.
Liao Yiwu had in China al enige faam als schrijver en dichter voordat de studentenprotesten zich ontwikkelden. Om in zijn levensonderhoud te voorzien werkte hij als journalist, maar hij schreef daarnaast ook gedichten die al snel werden opgemerkt door literaire tijdschriften.
In het vrijere en open klimaat van de jaren tachtig konden kunstenaars nog min of meer ongeremd hun gevoelens en ideeën kwijt in China. Yiwu schreef eveneens vaak kritisch over het politieke systeem en zijn werk werd al gauw als anti-communistisch bestempeld, wat hem ten slotte op een zwarte lijst deed belanden.
In juni 1989 sprak hij het gedicht Bloedbad in op een cassetterecorder toen hij ontdaan was door het bloedige neerslaan van de studentenprotesten. Hij wist dat het nooit zou worden gepubliceerd in China, maar een kopie werd door de Canadese sinoloog Michael Day het land uitgesmokkeld en gepubliceerd in het Westen.
Het gedicht werd begeleid door rituele klaagzang. Toen later dat jaar Bloedbad werd opgevolgd door de filmmusical Requiem kwam het staatsapparaat in actie om Liao te arresteren.
Dat deed hem beseffen, zoals hij schrijft, 'wat de ware macht van het dictatuur van het proletariaat' werkelijk betekende.
Hij werd veroordeeld tot vier jaar cel zonder daadwerkelijke aanklacht. Na zijn vrijlating verlieten zijn vrouw en kind hem en leefde hij enige tijd als dakloze op de straten van Chengdu.
Yiwu bleef echter schrijven. Hij verzamelde verhalen en hield interviews met mensen in de laagste regionen van de maatschappij. Vele malen werd hij gearresteerd en ondervraagd, waarbij zijn huis ondersteboven werd gehaald.
De ontelbare huiszoekingen en in beslagname van zijn manuscripten deed hem verzuchten dat hij de enige schrijver is die schrijft voor de politie.
Vanuit het perspectief van de autoriteiten is het niet zo vreemd dat Yiwu’s notities als staatsgevaarlijk werden gezien. De boeren en andere ontaarden die Yiwu interviewt geven namelijk onomwonden hun mening over het regime.
In Bullets and Opium komen veertien oproerkraaiers aan het woord, waaronder de auteur zelf. In een nawoord worden tevens de laatste momenten van China’s bekendste activist en Nobelprijswinnaar Liu Xiaobo beschreven.
Liu, die in 2017 in gevangenschap overleed, vervulde een belangrijke rol in de laatste dagen van de studentenprotesten. Hij wist samen met drie andere invloedrijke intellectuelen een grote groep studenten te overtuigen om het plein vreedzaam te verlaten. Daarmee werden dus meer slachtoffers voorkomen.
Na zijn arrestatie bracht Liu Xiaobo twee jaar door in de cel zonder aanklacht en hij verloor zijn baan als docent aan de universiteit.
Maar Liu Xiaobo was als intellectueel met een groot netwerk en internationale aandacht van een ander kaliber dan de 4 juni-oproerkraaiers. De boeren en arbeiders die om diverse redenen meededen aan de protesten kwamen er niet zo genadig vanaf.
Zij werden veelal als jongvolwassenen opgepakt in de nadagen van het bloedige optreden en zaten jaren vast, om ten slotte terug te keren in een maatschappij waar de god van het geld de scepter zwaaide en 'geheugenverlies' de norm was.
De term opium uit de titel verwijst naar het collectieve delirium dat optrad als gevolg van de economische ontwikkeling.
De 4 juni-oproerkraaiers probeerden dakloos, werkloos, gescheiden, impotent en verbitterd hun leven weer op te pakken. Vooral verbitterd vanwege de verloren jaren en vanwege de vergetelheid waarin ze raakten.
Schilder Wu Wenjian, die zeven jaar cel kreeg en daarmee naar eigen zeggen geluk had, foetert in zijn interview met Liao Yiwu dat boeken vol zijn geschreven over de Tiananmen elite, maar wie spreekt er voor de '4 juni-oproerkraaiers?
Met de Tiananmen elite doelt hij op de studentenleiders Chai Ling, Wang Dan en Wu’er Kaixi die toen de demonstraties leidden en de pers te woord stonden. Ook nu nog is alle aandacht op hen gericht. Zij krijgen een flinke veeg uit de pan in Bullets and Opium.
Volgens Yu Zhijian, een andere kunstenaar uit Hunan, zaten ze in hun bubbel van loze praat. Alsof ze gekozen waren door God en de rest van de demonstranten maar een stelletje onwetende idioten waren.
Yu Zhijian zamelde samen met twee mede-kunstenaars, Yu Dongyue en Lu Decheng, geld in om de reis van Changsha naar Peking te bekostigen. Eenmaal in de hoofdstad stond de zachte aanpak van de studentenleiders hen niet aan.
Op eigen houtje gooiden ze daarom op 23 mei 1989 eieren naar het portret van Mao Zedong dat aan de poort hangt.
Voor hun daad kregen Yu Zhijian en Yu Dongyue twintig jaar gevangenisstraf. Lu Decheng wist te vluchten naar het buitenland. Yu Dongyue verloor zijn verstand door het barbaarse gevangenisleven, maar Yu Zhijian wist te overleven.
Hij reflecteert onversneden op de prijs die ze betaalden en de passie die ze hadden voor het land. Uiteindelijk leek het allemaal onbetekenend.
Uit de interviews blijkt dat veel arbeiders en boeren meededen met de demonstraties nadat de staat van beleg werd uitgeroepen (20 mei 1989) en soldaten Peking binnentrokken. De heersende gedachte was dat de Volksbevrijdingsleger en het volk als de vissen en het water zijn.
Dit pact kwam echter onder druk te staan met de staat van beleg en werd uiteindelijk zwaar geschonden in de nacht van 3 op 4 juni. Geïnspireerd door de studenten en de idealen die zij vertegenwoordigden (rechtvaardigheid, democratie, vrijheid en transparantie) wilden de boeren en arbeiders hen beschermen.
De volkswoede ontstond toen het leger het vuur opende op de studenten. Het optreden van het Volksbevrijdingsleger provoceerde veel stedelingen om het heft in handen te nemen en hun woede te botvieren op legervoertuigen en soldaten.
In de weken na Tiananmen werden veel vermeende oproerkraaiers opgepakt en berecht in vaak geheime processen. De straffen waren niet mis. Zo sloeg een gehandicapte op een tank met zijn krukken en kreeg tien jaar en kreeg een ander dertien jaar voor het stelen van een kip uit een legertruck.
Uitgebreid komen de geïnterviewden daarna aan het woord over het gevangenisleven met de martelingen, de vernederingen en de gedwongen arbeid. Gevangenen worden in China namelijk ingezet als slaven om de economie te stimuleren.
De getuigenissen in Bullets and Opium zijn dus zware kost. Dankzij de poëtische schrijf- en interviewstijl van Liao Yiwu leest het boek toch als een trein. Het boek bevat prachtige staaltjes van zwarte humor. Zo is daar een gevangenbewaarder die op 'scheten'-onderzoek uitgaat, wat cynisch wordt vergeleken met de vergaande controle in China.
Wat wel jammer is, is dat alle geïnterviewden mannen zijn en het beeld daarmee niet volledig is. Daarnaast zijn de geïnterviewden van lagere komaf, dus verwacht geen welbespraakte uitweidingen van intellectuelen. De optekeningen zijn soms op het vulgaire af.
Desalniettemin is Bullets and Opium een verbijsterd document over een onderwerp dat blijvende aandacht verdient.